|

De boa constrictor komt voor in Centraal- en Zuid-Amerika, van Mexico tot Argentinië. Het is een koudbloedig
dier dat zich warmt aan de zon. De boa kan niets horen en met zijn ogen kan hij
matig zien. Zijn reukvermogen is des te beter. In zijn schedel zit het orgaantje
van Jacobson. Dit zijn 2 gaatjes met reukzintuigen. Het samenspel van de tong en
het orgaan van Jacobson, het zogenaamde tongelen, geeft de slang zo'n goed
reukvermogen dat hij hiermee zijn prooi kan volgen. De boa is een niet giftige
slang, hij wurgt zijn prooi.
Hij verplaats zich over de grond en via bomen. De vele aan de boa gerelateerde
ondersoorten verplaatsen zich op andere manieren en wonen in andere gebieden. De
overeenkomst die ze hebben, is dat het allemaal levendbarende slangen zijn. De
boa constrictor is te herkennen aan de circa 25 donkere banden op een
lichtbruine ondergrond.
Voor iemand die slangen wil gaan houden is de boa constrictor een fijne slang
omdat hij niet agressief is en goed eet. Weet wel waar u aan begint: het
is een slang die tussen de 2 en 4 meter lang kan worden.
Weetjes
| Herkomst |
Centraal- en Zuid-Amerika |
 |
| Leefgebied |
savannes en bossen |
| Leeftijd |
circa 20 jaar |
| Lengte |
2 tot 4 meter |
| Gewicht |
12 tot 17 cm doorsnede en circa 50 kilo |
| Geslachtsrijp |
3 jaar bij een lengte van circa 2 meter |
| Draagtijd |
rond de 130 dagen |
| Voortplanting |
levendbarend, tussen de 15 en 70 jongen die bij de
geboorte circa 25 cm lang zijn |
Huisvesting
Omdat het een nogal grote rakker kan worden, heeft u voor het houden van een boa
een ruim terrarium nodig. Denk hierbij aan 200x100x100 cm voor een volwassen
boa. Probeer verschillende temperaturen te creëren met een warmtepunt van 35
graden onder een spot. Hij heeft behoefte aan dikke stevige klimtakken en een waterbak waar hij
helemaal in past. U kunt kiezen voor beukensnippers op de bodem. In verband met bacteriën
dient u
de ontlasting regelmatig uit de bak te halen.
Om uitdroging te voorkomen en het vervellen te vergemakkelijken moet u uw boa
regelmatig met water besproeien. De plantenspuit is hiervoor een prima middel.
|
 |
Voeding Omdat een boa goed eet, zult u er voor moeten zorgen dat u hem niet
overvoert. Jongere dieren kunt u eens per week een muisje of jonge rat geven. Oudere dieren volstaan met
1 maaltijd in
de 3 weken. Voor de juiste maat prooi gaat u uit van de doorsnee van de slang. De
doorsnee van de prooi mag niet groter zijn dan het dikste deel van uw slang.
Hoe groter de slang, hoe groter de prooi. Denkt u hierbij aan konijnen en cavia's.
Deze dieren kunnen dood of levend gegeven worden, al naar gelang de slang gewend
is.
| Z |
= tongschede. |
 |
| S |
= slokdarm. |
| T |
= zwezerik, aan beide zijden uit een voorste en achterste
deel bestaand. |
| Pth |
= bij schildklier. |
| Th |
= schildklier. |
| LA |
= linker aortaboog. |
| He |
= het hart. |
| K |
= lichaamsslagader. |
| V.c. |
= achterste holle ader. |
| L1 |
= long, respiratorischedeel. |
| Ma |
= maag |
| G |
= galblaas |
| Mi |
= milt. |
| P |
= alvleesklier. |
| D |
= twaalfvingerige darm. |
| F |
= vetlaag, deze is in werkelijkheid dikker. |
| Le |
= lever |
| L2 |
= long, luchtzak |
| r.N. |
= rechter nier. |
| H |
= urinebuis |
| LH |
= linker bal |
| Nn |
= bijbal. |
| V.d. |
= zaadleider. |
| Kl |
= cloaca. |
| U.g |
= openingen van de urine en zaadleiders in de cloacawand. |
| A.He |
= naar buiten voerende opening van de hemipenis. |
| Md |
= middendarm. |
De ondersoorten
De wet Bedreigde Uitheemse Dieren En Plantensoorten
(BUDEP) Steeds meer diersoorten worden in hun voortbestaan bedreigd oa
door de vangst voor de handel. Het doel van de BUDEP is te weten wat er met uitheemse dieren en planten
gebeurt. Door 128 landen, waaronder Nederland, zijn de
CITES-bijlagen samengesteld. Aan de hand van deze lijsten weet men waar en
wat er aan dieren geïmporteerd wordt in de verschillende aangesloten landen. Internationale
handel mag pas wanneer een document is verleend: een CITES-in- of
uitvoervergunning, een CITES-wederuitvoercertifcaat of een certificaat van
origine. De CITES-lijsten zijn
opgesplitst in 3 categorieën:
- omvat soorten, die onder meer door internationale
handel met uitsterven bedreigd zijn. In deze soorten mag geen handel worden
gedreven wanneer er sprake is van uit het wild afkomstige dieren of planten
- omvat soorten, die onder meer door internationale
handel met uitsterven bedreigd kunnen worden Daarom wordt deze handel
gereguleerd
- omvat soorten, waaraan een land, waar zo´n soort
voorkomt, bescherming wil bieden om te voorkomen dat deze door
internationale handel uitsterft in dat land.
De handel in CITES-soorten wordt gereguleerd door dit vergunningenstelsel.
Verder heb je natuurlijk ook nakweek, dieren die niet worden ingevoerd en die
dan
ook niet onder deze wet vallen. Het is wel van belang dat u een overdrachtsverklaring
vraagt bij het
aanschaffen ervan, zodat u kunt bewijzen dat het dier niet uit het
buitenland is meegenomen.

Ziekten
Flagellaten Dit zijn eencellige zweepdiertjes die zeer
besmettelijk zijn. Er bestaan haemoflagellaten, die zich in het bloed ophouden en gastroflagellaten, die zich in spijsverteringsorganen
bevinden. Symptomen zijn braken, geen eetlust, slijmerige ontlasting en
lusteloosheid. Als uw slang deze symptomen heeft, gaat u er dan mee naar een
dierenarts en behandelt u ook eventuele andere dieren. Preventieve behandeling
is mogelijk.
Longontsteking De symptomen van een longontsteking zijn een geopende bek,
slijm in bek en/of neus, ademhalingsproblemen, apathisch gedrag en het weigeren
van voedsel. Er bestaan verschillende soorten
longontsteking:
- de bacteriële ontsteking wordt veroorzaakt door onvoldoende hygiëne of
uitwendige factoren zoals tocht, temperatuur, stof of chemische producten. Ook
kunnen ontstekingsprocessen ergens anders op het lijf een oorzaak zijn
- de parasitaire ontsteking is een van buiten komende besmetting van bijvoorbeeld mijten,
wormen of andere geleedpotigen
- de mycotische ontsteking wordt veroorzaakt door inademing van schimmelsporen
- de virale ontsteking waarbij een virus de boosdoener is.
AlbinoBoa
terug
|