|
Geslachtsonderscheid
Bij kuikens is bijna niet te zien of het een hen of een haan betreft.
Het geslacht is vrij betrouwbaar te bepalen aan de hand van de kuif. Bij
de hen is deze rond en bij de haan steken er sprieten uit.
|

vrouw
|

man
|
Huisvesting
Een zijdehoen is makkelijk te houden. Per kip moet u 1 vierkante
meter buitenren hebben en een tochtvrij nachthok. Door het nachthok van
de grond af te houden slaat u 2 vliegen in één klap: ten eerste is het
makkelijker om schoon te maken en ten tweede kunnen de kippen dan ook
onder het hok scharrelen en hebben ze hierdoor meer oppervlakte. Een
hoge afrastering is niet nodig omdat de zijdehoen niet hoog kan vliegen
en ook niet zo ondernemend is van aard. Een watersilo voorkomt dat de
kuikentjes in de bak met water verdrinken. En een warmtelint voorkomt
dat het water in de winter bevriest.
In tegenstelling tot zijn soortgenoten gaat de zijdehoen 's nachts niet
op stok. Ze gaan lekker tegen elkaar aanzitten op de grond. Dus als
bodembedekking is het raadzaam om een goed absorberend materiaal te
nemen, zodat de ontlasting niet tussen de veren blijft plakken. Stro,
houtvezels en hennepstrooisel voldoen prima.
Voeding
Kippen zijn alleseters maar dat wil niet zeggen dat u er niet op
moet letten dat ze goed
eten. In de handel zijn verschillende soorten
voer te krijgen: opfokmeel voor de kuikens, gebroken graan voor de jonge
kippen, gemengd graan voor de volwassen exemplaren en dan legkorrels of
legmeel om het eieren leggen te bevorderen. Indien er bij het
standaardvoer geen graan is toegevoegd, kunt u dit dagelijks met mate
bijvoeren. Een kip heeft dagelijks wat graan nodig. Krijgt zij hier
echter te veel van dan kan zij gaan vervetten en legt zij geen eieren
meer. Daarnaast zijn ze gek op verse groentes en fruit. Let u er op dat
ze alles opeten zodat de resten niet gaan schimmelen. Naast het voer
hebben kippen ook grit en maagkiezels nodig. De maagkiezels helpen bij
het verteren van het voer, het grit geeft een mooie stevige schil aan
het ei en is goed voor het beendergestel. Grit kan ook al aan
kuikens gegeven worden.
Een kip bepaald zelf hoeveel zij eet. Voedsel mag dus altijd aanwezig
zijn.
Overzicht van ei tot kip
| -21 dagen |
broeddag 1 |
start van het broeden |
| -20 dagen |
broeddag 2 |
|
| -19 dagen |
broeddag 3 |
|
| -18 dagen |
broeddag 4 |
bloedvaten zijn zichtbaar bij schouwen van het ei |
| -17 dagen |
broeddag 5 |
|
| -16 dagen |
broeddag 6 |
|
| -15 dagen |
broeddag 7 |
kiem is zichtbaar bij schouwen van het ei |
| -14 dagen |
broeddag 8 |

|
| -13 dagen |
broeddag 9 |
| -12 dagen |
broeddag 10 |
| -11 dagen |
broeddag 11 |
| -10 dagen |
broeddag 12 |
| -9 dagen |
broeddag 13 |
| -8 dagen |
broeddag 14 |
| -7 dagen |
broeddag 15 |
| -6 dagen |
broeddag 16 |
| -5 dagen |
broeddag 17 |
| -4 dagen |
broeddag 18 |
| -3 dagen |
broeddag 19 |
eitjes niet meer keren, luchtvochtigheid opvoeren |
| -2 dagen |
broeddag 20 |
soms kun je kuiken horen piepen in het ei |
| -1 dag |
broeddag 21 |
ei wordt aangepikt en het kuiken wordt geboren |
| 1 dag |
inenten tegen Marekse verlamming |
| 2 dagen |
voer aanbieden, geven van eerste kuikenmeel |
| 3 dagen |
geen eitand meer te zien |
| 4 dagen |
|
| 5 dagen |
eerste veertjes zijn duidelijk zichtbaar |
| 25 dagen |
geven van opfokmeel |
| 5 weken |
bij sommige rassen nu al onderscheid te zien
tussen haantjes en hennetjes aan de kam |
| 6 weken |
kuikens worden door moeder alleen gelaten,
moeder legt weer |
| 7 weken |
kuiken is voldoende bevederd om eigen temperatuur
vast te houden |
| 8 weken |
voorzichtige eerste gekraai bij de haantjes |
| 9 weken |
pootbevederde rassen ringen |
| 11 weken |
ringen van de kuikens |
| 15 weken |
hoogtegroei houdt stilaan op en de groei in de
breedte vangt aan |
| 16 weken |
ontwormingsmiddel geven |
| 17 weken |
groei van sierbevedering bij hanen |
| 18 weken |
starten met legkorrel |
| 19 weken |
kam en lellen van hennen worden roder |
| 20 weken |
leggen van eerste ei |
| 6 maanden |
eerste rui en leggen stopt |
| 9 maanden |
heel wat rassen zijn nu al vruchtbaar |
| 2 jaar |
nog veel eitjes, maar toch iets minder dan vorig
jaar |
| 3 jaar |
nog voldoende eitjes |
| 4 jaar |
leg wordt beduidend minder |
| 5 jaar |
zwakke leg |
| 6 jaar |
de kip wordt oud |
| 8 jaar |
de kip is een heel oud besje,
vanaf nu is een ei een zeldzaamheid |
| 15 jaar |
aan weinig kippen gegeven |
| |
|
| |
|
Kleuren
Ziektes
- Kippenluis
Dit zijn kleine parasieten die zich hoofdzakelijk rond de aars van
de kip ophouden. De luizen bouwen grijzige nesten in de vorm van
klitten in de donsveren. De luis laat zich goed bestrijden. De
nesten worden weggeknipt en de omgeving moet goed aangepakt worden
om herbesmetting te voorkomen.
- Bloedluis
Dit is een parasiet die zich overdag ophoudt in kieren en spleten in
het hok.
's Avonds komt hij uit zijn schuilplaats en drinkt bloed bij de
kippen. Bij een flinke besmetting gaat de conditie van de kip erg
achteruit. Ook deze diertjes moeten goed bestreden worden. Het kan
een hardnekkige plaag zijn.
- Gaapworm
Dit is een rood wormpje wat zich ophoudt in de luchtpijp en het
ademhalen voor de kip beperkt. Door de hals te strekken en een
gaapbeweging te maken kan ze nog wat adem halen, vandaar de naam 'gaapworm'.
De ingeslikte eitjes komen er bij de ontlasting weer uit en kunnen
soortgenoten besmetten. Tegen deze gaapworm is een specifiek
gaapwormenmiddel te verkrijgen.
- Kalkpoten
Deze worden veroorzaakt door een mijt die zich tussen de schubben
van de poten voedt met bloed en er zijn eieren legt. De mijt
veroorzaakt veel jeuk. Die kan behandeld worden met een zuurvrije
vaseline. Behandel beide pootjes om de twee dagen. Als u de
behandeling driemaal heeft toegepast, kunt
u er zeker van zijn dat de mijt dood is.
- Spoelworm
Dit is een worm die zich ophoudt in de dunne darm. Bij een te grote
besmetting gaat dit ten koste van uw kip. Een wormenkuurtje is
voldoende.
- Haarworm

Haarwormen houden zich eveneens op in de dunne darm, maar zijn veel
moeilijker te bestrijden dan de spoelworm. Hier gebruikt u een
specifiek haarwormenmiddel tegen.
Veel plezier met uw Zijdehoen!
terug
|