Voor het weergeven van de inhoud op deze pagina is een nieuwe versie van Adobe Flash Player vereist.

Adobe Flash Player ophalen

Dr. Woof

 


ArtSites Internetdiensten

De Zijdehoen

De Zijdehoen is door Marco Polo beschreven toen hij door China reisde. Rond 1827 werd hij in Europa geïmporteerd. De verkoop gebeurde veelal op markten waarbij de zijdehoen als kruising tussen kip en konijn werd aangeprezen.

Uiterlijk
De zijdehoen is de kleinste onder de hoenders. Het is een rond, pluizig diertje met een donkere huidskleur en blauwe poten. Zijn veren wijken het meest af van die van zijn soortgenoten. Door het ontbreken van de weerhaakjes tussen de veerharen vormt de veer geen vlak. Vandaar het pluizige uiterlijk. Afgezien van kleur komen ze in 3 variaties voor: met baard, zonder baard en krulvederig.

Weetjes

Herkomst China
Leeftijd 10 tot 15 jaar
Gewicht 1800 tot 1900 gram
Geslachtsrijp 9 maanden
Legrijp tegen de leg aan rond 5 maanden
Aantal eieren 70 tot 110 per jaar
Aanschafleeftijd 6  tot 7 weken

 

Geslachtsonderscheid
Bij kuikens is bijna niet te zien of het een hen of een haan betreft. Het geslacht is vrij betrouwbaar te bepalen aan de hand van de kuif. Bij de hen is deze rond en bij de haan steken er sprieten uit.


vrouw


man

Huisvesting
Een zijdehoen is makkelijk te houden. Per kip moet u 1 vierkante meter buitenren hebben en een tochtvrij nachthok. Door het nachthok van de grond af te houden slaat u 2 vliegen in één klap: ten eerste is het makkelijker om schoon te maken en ten tweede kunnen de kippen dan ook onder het hok scharrelen en hebben ze hierdoor meer oppervlakte. Een hoge afrastering is niet nodig omdat de zijdehoen niet hoog kan vliegen en ook niet zo ondernemend is van aard. Een watersilo voorkomt dat de kuikentjes in de bak met water verdrinken. En een warmtelint voorkomt dat het water in de winter bevriest.
In tegenstelling tot zijn soortgenoten gaat de zijdehoen 's nachts niet op stok. Ze gaan lekker tegen elkaar aanzitten op de grond. Dus als bodembedekking is het raadzaam om een goed absorberend materiaal te nemen, zodat de ontlasting niet tussen de veren blijft plakken. Stro, houtvezels en hennepstrooisel voldoen prima.

Voeding
Kippen zijn alleseters maar dat wil niet zeggen dat u er niet op moet letten dat ze goed eten. In de handel zijn verschillende soorten voer te krijgen: opfokmeel voor de kuikens, gebroken graan voor de jonge kippen, gemengd graan voor de volwassen exemplaren en dan legkorrels of legmeel om het eieren leggen te bevorderen. Indien er bij het  standaardvoer geen graan is toegevoegd, kunt u dit dagelijks met mate bijvoeren. Een kip heeft dagelijks wat graan nodig. Krijgt zij hier echter te veel van dan kan zij gaan vervetten en legt zij geen eieren meer. Daarnaast zijn ze gek op verse groentes en fruit. Let u er op dat ze alles opeten zodat de resten niet gaan schimmelen. Naast het voer hebben kippen ook grit en maagkiezels nodig. De maagkiezels helpen bij het verteren van het voer, het grit geeft een mooie stevige schil aan het ei en is goed voor het beendergestel. Grit kan ook al aan kuikens gegeven worden.
Een kip bepaald zelf hoeveel zij eet. Voedsel mag dus altijd aanwezig zijn.

Overzicht van ei tot kip

-21 dagen broeddag 1 start van het broeden
-20 dagen broeddag 2  
-19 dagen broeddag 3  
-18 dagen broeddag 4 bloedvaten zijn zichtbaar bij schouwen van het ei
-17 dagen broeddag 5  
-16 dagen broeddag 6  
-15 dagen broeddag 7 kiem is zichtbaar bij schouwen van het ei
-14 dagen broeddag 8

-13 dagen broeddag 9
-12 dagen broeddag 10
-11 dagen broeddag 11
-10 dagen broeddag 12
-9 dagen broeddag 13
-8 dagen broeddag 14
-7 dagen broeddag 15
-6 dagen broeddag 16
-5 dagen broeddag 17
-4 dagen broeddag 18
-3 dagen broeddag 19 eitjes niet meer keren, luchtvochtigheid opvoeren
-2 dagen broeddag 20 soms kun je kuiken horen piepen in het ei
-1 dag broeddag 21 ei wordt aangepikt en het kuiken wordt geboren
1 dag inenten tegen Marekse verlamming
2 dagen voer aanbieden, geven van eerste kuikenmeel
3 dagen geen eitand meer te zien
4 dagen  
5 dagen eerste veertjes zijn duidelijk zichtbaar
25 dagen geven van opfokmeel
5 weken bij sommige rassen nu al onderscheid te zien tussen haantjes en hennetjes aan de kam
6 weken kuikens worden door moeder alleen gelaten,
moeder legt weer
7 weken kuiken is voldoende bevederd om eigen temperatuur vast te houden
8 weken voorzichtige eerste gekraai bij de haantjes
9 weken pootbevederde rassen ringen
11 weken ringen van de kuikens
15 weken hoogtegroei houdt stilaan op en de groei in de breedte vangt aan
16 weken ontwormingsmiddel geven
17 weken groei van sierbevedering bij hanen
18 weken starten met legkorrel
19 weken kam en lellen van hennen worden roder
20 weken leggen van eerste ei
6 maanden eerste rui en leggen stopt
9 maanden heel wat rassen zijn nu al vruchtbaar
2 jaar nog veel eitjes, maar toch iets minder dan vorig jaar
3 jaar nog voldoende eitjes
4 jaar leg wordt beduidend minder
5 jaar zwakke leg
6 jaar de kip wordt oud
8 jaar de kip is een heel oud besje,
vanaf nu is een ei een zeldzaamheid
15 jaar aan weinig kippen gegeven
   
   



Kleuren


Ziektes

  • Kippenluis
    Dit zijn kleine parasieten die zich hoofdzakelijk rond de aars van de kip ophouden. De luizen bouwen grijzige nesten in de vorm van klitten in de donsveren. De luis laat zich goed bestrijden. De nesten worden weggeknipt en de omgeving moet goed aangepakt worden om herbesmetting te voorkomen.
  • Bloedluis
    Dit is een parasiet die zich overdag ophoudt in kieren en spleten in het hok.
    's Avonds komt hij uit zijn schuilplaats en drinkt bloed bij de kippen. Bij een flinke  besmetting gaat de conditie van de kip erg achteruit. Ook deze diertjes moeten goed bestreden worden. Het kan een hardnekkige plaag zijn.
  • Gaapworm
    Dit is een rood wormpje wat zich ophoudt in de luchtpijp en het ademhalen voor de kip beperkt. Door de hals te strekken en een gaapbeweging te maken kan ze nog wat adem halen, vandaar de naam 'gaapworm'.
    De ingeslikte eitjes komen er bij de ontlasting weer uit en kunnen soortgenoten besmetten. Tegen deze gaapworm is een specifiek gaapwormenmiddel te verkrijgen.
  • Kalkpoten
    Deze worden veroorzaakt door een mijt die zich tussen de schubben van de poten voedt met bloed en er zijn eieren legt. De mijt veroorzaakt veel jeuk. Die kan behandeld worden met een zuurvrije vaseline. Behandel beide pootjes om de twee dagen. Als u de behandeling driemaal heeft toegepast, kunt u er zeker van zijn dat de mijt dood is.
  • Spoelworm
    Dit is een worm die zich ophoudt in de dunne darm. Bij een te grote besmetting gaat dit ten koste van uw kip. Een wormenkuurtje is voldoende.
  • Haarworm
    Haarwormen houden zich eveneens op in de dunne darm, maar zijn veel moeilijker te bestrijden dan de spoelworm. Hier gebruikt u een specifiek haarwormenmiddel tegen.

Veel plezier met uw Zijdehoen!

terug